'Het is meer dan Libanon wat ons bindt'

 

Het klinkt als een sprookje. Tijdens zijn missie in Libanon in 1983 maakte Henry Duijvestijn als 19-jarig dienstplichtig chauff eur tijdens een sociale patrouille kennis met Amy Bazih. Zij was toen 15 jaar. Er werden adressen uitgewisseld, maar na enige tijd ging het contact verloren. Toen hij als voorbereiding op een terugkeerreis naar Libanon zijn brieven herlas, besloot hij haar via social media op te sporen. Met succes: ze vormen nu een liefdespaar.

Door : Fred Lardenoye & Foto : Jan Peter Mulder

Van hun eerste ontmoeting in Libanon in 1983 kunnen Henry Duijvestijn (55) en Amy Bazih (51) zich niet meer zoveel herinneren. Bazih en haar zussen waren met hun ouders gevlucht voor de bombardementen op Beiroet naar hun familie in Zibqin. Ze kwamen vaker in contact met de daar gestationeerde Nederlandse UNIFIL-militairen en met name Amy sprak al een aardig woordje Engels.

Allebei weten ze nog wel dat de toen 15-jarige Amy een raadsel aan de Nederlandse militairen had opgegeven.

Henry wist de oplossing. “Toen is er een eerste vonk overgesprongen”, meent Duijvestijn. Bazih vult aan: “Ik zei tegen hem: jij bent een hele slimme jongen. Een paar weken later gingen we terug naar Beiroet, maar ik wist dat ik vrienden had gemaakt voor een lange tijd. En dat bleek later ook.”

Libanon

In het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw was Duijvestijn, nadat hij zijn opleiding niet had afgerond, werkzaam in de tuinbouw. De dienstplicht zag hij als een kans om het avontuur op te zoeken. “Ik zat een beetje vast en wilde meer in het leven. Ondanks de mogelijkheid om er door broederdienst onderuit te komen, heb ik me aangemeld.

Dienst was voor mij een escape.” In 1982 werd hij opgeleid tot chauffeur-radiotelefonist. Tijdens het kijken van een wervingsfilm voor Libanon in Ossendrecht, twijfelde hij geen moment.

“Ik dacht: Yes, daar moet ik heen!” Na een ‘pittige, maar mooie’ opleiding bij 44 Pantserinfanteriebataljon in Assen kwam hij in juli 1983 in Libanon terecht op post 7-7, nabij Zibqin. Net als veel andere UNIFIL-militairen was zijn voornaamste taak patrouilleren. “De patrouilles in de Wadi’s vond ik ontzettend gaaf. Een belangrijke taak was ook het beheren van een roadblock, overgenomen van de Fiji’s. Toen ik later een voertuig had, een Necaf, bracht ik de shift daarnaartoe en hoefde zelf minder te patrouilleren.”

Hoewel het kalm was in het gebied, had hij net als veel militairen moeite met het beperkte mandaat. “Israël en de strijdgroepen konden hun gang gaan, wij mochten eigenlijk alleen maar observeren.”

 

Vluchten

Duijvestijn vertelt dat de spanningen in het gebied opliepen als in Beirut het oorlogsgeweld toenam. “Dan vluchtten er veel meer mensen naar het zuiden toe. Ik weet nog dat ik een keer tegen iemand zei: ‘We zouden eigenlijk in Beiroet moeten zijn.’ Als vredesmissiemilitair wil je dan wat doen. Hij antwoordde: ‘Juist omdat jullie hier zijn, is er relatieve rust in dit gebied.’ Dat vond ik mooi.”

De vlucht naar het zuiden had voor Duijvestijn een mooi bijeff ect, de ontmoeting met het Libanese meisje Amy Bazih. “We konden om Amy’s reactie op het oplossen van het raadsel allemaal wel lachen, maar het was duidelijk dat zij voor mij bijzonder was.” Na de kennismaking werden adressen uitgewisseld en volgde, na de terugkeer van Duijvestijn in Nederland, een korte correspondentie. Vervolgens leefden ze allebei hun eigen leven.

Toen Duijvestijn naar Libanon vertrok, had hij al een relatie. “Dat maakte het complex. In 1985 heb ik Amy mogelijk gezien in Kijkduin - achteraf bleek dat ze hier was - maar ik was toen met mijn vriendin en latere echtgenote. Ik durfde niet op Amy af te stappen en dat heeft me altijd bezwaard.”

 

Voor mij blijven de Nederlanders altijd een symbool van vrede


Brieven

Na zijn scheiding in 2017 meldde Duijvestijn zich aan als deelnemer aan de jubileum-terugkeerreis van de stichting Weerzien met Libanon. Als voorbereiding daarop las hij de oude brieven uit die tijd die hij had bewaard.

“Toen vroeg ik me af hoe het met Amy zou zijn en besloot een poging te doen om haar op te sporen.” Via enkele Libanonveteranen die wel langer contact met haar hadden gehouden, kwam hij op het goede spoor. Via social media slaagde hij erin contact te leggen met een zus van Amy, aan wie hij vroeg om te bemiddelen. “Vorig jaar, op 29 oktober, kreeg ik een bericht: ‘It’s me Amy’. Diezelfde avond hebben we een lang telefonisch gesprek gevoerd. Amy bleek ook te zijn gescheiden.” Nadien volgden nog veel lange telefoongesprekken.

De liefde van toen bloeide op en in december 2018 ontmoetten ze elkaar in Brussel, de woon- en werkplaats van Amy. “Nu hebben we een liefdesrelatie die heel bijzonder voor ons voelt, want er blijkt veel meer dan Libanon wat ons bindt. Toen we elkaar voor het eerst ontmoetten, hadden we nooit kunnen denken dat we zoveel gemeen hebben. Dat is wel heel gaaf.”

 

Familie

Tijdens de terugkeerreis dit voorjaar bezocht Duijvestijn ook familie van Amy en dat gaf een bijzonder accent aan de reis. De reis was al speciaal, omdat hij samen met zijn zoon Tobias (20) terugging naar het uitzendgebied. “Hij werkt bij de luchtmacht en is nu net zo oud als ik toen ik naar Libanon ging. Het was mooi om te zien dat er meer jongeren meereisden, met wie hij optrok en ook een oor had voor andere veteranen. Na de herdenking op 4 mei hadden we samen een emotioneel moment.”

Terugkijkend noemt hij de groepsreis “enerverend, met een lach en ook veel tranen.”

Hij is zich bewust van het feit dat de missie bij sommige veteranen vervelende sporen heeft nagelaten. “Ik heb geen PTSS, maar Libanon heeft mijn leven wel erg beïnvloed. Na de uitzending liep ik vast, door ervaringen uit mijn jeugd die door Libanon naar boven kwamen. Ik ben toen ook bij een psycholoog van Defensie geweest.” Hij is erg blij met de steun van de BNMO aan de terugkeerreis. “Heel mooi. Ik heb mooie gesprekken gehad met een bestuurslid en een medewerker. Zij hebben een goede bijdrage geleverd.”

Zorgen maakt hij zich vooral over de toekomst van Libanon. Bazih is ronduit pessimistisch. “Ik heb niet zoveel hoop.

Sinds premier Hariri is vermoord in 2005, is alles politiek verbrokkeld en de kloof tussen arm en rijk neemt toe. Dat geldt ook voor de verdeeldheid en onrust. Voor mij blijven de Nederlanders altijd een symbool van vrede. Bij ons zorgden ze voor een gevoel van zekerheid en vertrouwen. De vriendschap zal nooit verdwijnen en wordt in mijn geval bekroond door de liefdevolle relatie met Henry, mijn eigen vredesduif.”